Het boksen hoorde bij Amsterdam als een fles jenever bij een ouderling. Roemruchte boksscholen als die van Groothuis, Van der Meulen, Kneppers, Bisschop en Albert Cuijp leverde decennialang vuistvechters af die tot de beste van het land behoorde. Met de opkomst en populariteit van andere vechtsporten verdween het boksen uit Amsterdam. Bijna, want een groepje liefhebbers heeft het smeulende vuurtje nieuw leven ingeblazen. Boksgala’s in het Carré en het Zonnehuis waren het resultaat.
De zaal zit vol liefhebbers én gewezen kampioenen. Spotlights verlichten fel de boksring. Het begrip ‘spaarlampen’ telt vanavond even niet mee. Zestien partijen voor jonge amateurboksers staan op het programma. Voor het eerst in jaren wordt weer gebokst in het Zonnehuis, Tuindorp Oostzaan. Waarmee een oude hoofdstedelijke traditie in ere werd hersteld. Er hangt een lekkere, bijna uitgestorven, Amsterdams sfeertje. Ons ken ons.
Finest Hour
In de lege kleedkamer, op een stoel, zit een jochie: dun, wit, onschuldig engelengezichtje, azuurblauwe ogen, woeste bos rode krullen, zijn handen ingetapet. Voor Jan Spel, 14 jaar, is het een bijzonder avond. Na jarenlange trainingen, uren sparren, touwtje springen, en slaan tegen bokszakken beleeft Jan zijn finest hour. Zijn eerste gevecht staat op punt van beginnen.
Voor hem staan zijn twee trainers, grote, brede mannen, kaal geschoren glimmende schedels. Ronald Vos en Julius Veringa staan op Jan in te praten, stellen hem op zijn gemak. Hij lijkt ze niet te horen. Zichtbaar nerveus zit Jan in zijn eigen wereldje. En dan, dan klinkt er een dreunend discogeluid. Door de microfoon wordt zijn gevecht aangekondigd. Jan, 55 kilo op de weegschaal, doet zijn bokskap op maakt een paar snelle voetbewegingen, slaat met zijn vuisten lucht weg.
Hij gaat op weg naar zijn eerste partij. Je houd je hart in je lijf vast, zo’n lieve jongen in de boksring. Goddank blijkt zijn tegenstander, Elber Fortes net zo’n kereltje te zijn als Jan.
Links, links’ roept trainer Vos. Jan is snel, danst, maakt onnavolgbare schijnbewegingen op de vierkante decimeter en deelt, inderdaad, met links, uit. ‘Lekker,’ roept Vos opgetogen als een beuk van Jan goed aankomt. Na drie ronden van één minuut wordt Jan tot winnaar uitgeroepen. Tjokvol adrenaline en springend van opwinding, met een gezicht waar de opluchting vanaf te scheppen valt, gaat Jan naar de kleedkamer.
Jan krijgt maar vijf gevechten per jaar’, verklapt Julius Veringa. En dan moet er niet ‘zwaar’ gebokst zijn wat staat voor veel klappen krijgen, want dan worden het nog minder. Veringa en Vos zijn zuinig op hun pupil.
Lekker knus
Laat die jonge jongens maar lekker boksen, geef ze wedstrijden. Zonder aanwas is het boksen anders ten dode opgeschreven. Dit is een goed initiatief. Boksen om een vetleren medaille, daar doen ze ervaring mee op,’ verzekert Ruud van der Linde, voormalig voorzitter van boksschool Albert Cuijp. ,,Volgens Van der Linde is er in heel Nederland geen mooiere bokszaal dan het Zonnehuis. ,,Het is lekker knus, en altijd een geweldige sfeer. Nu het bomvol is helemaal.’
De gevechten gaan door. Gehuld in een glimmend zwarte boksmantel mét capuchon, lichten gedoofd, oorverdovende muziek maakt Haji Hussein, 19 jaar, zijn opwachting. Het betere werk gaat beginnen. Zijn begeleiders zijn trainster Ilona Lente en niemand minder dan wereldkampioen Raymond Joval. Tegenstander is Joey de Korff . Na een taai gevecht verliest Hussein op punten.
Badend in het zweet, vermoeid, zwijgend, zit Hussein in de kleedkamer voor zich uit te staren. Uit een flesje spuit hij water in zijn mond. Hij heeft domme fouten gemaakt en daardoor de winst laten ontglippen. En dat wordt hem even ingepeperd. Hij krijgt boksles, voorgelezen door Raymond ‘Haleluja’ Joval.
Man jij was de beste, de sterkste, had de meeste conditie en dan maak je zulke vreselijke fouten,’ briest Joval kwaad. ‘Je moet blijven kijken’, roept the champ met een onbegrijpelijke blik. ‘Je oogreflexen moet je beter trainen.’ Hussein schijnt bij het uitdelen van een ‘hoek’ met zijn hoofd mee te draaien, en daardoor het oogcontact met de tegenstander te verliezen. En dan gebeuren de meest vreselijke dingen. De opponent kan dan ongezien een kleun uitdelen: buitenkansjes die De Korff zich niet liet ontglippen. Raymond Joval gaat even voordoen hoe je het niet moet doen.
Zak veertjes
De vuistvirtuoos vecht met een onzichtbare tegenstander en confronteert Hussein met diens fout. Met een hartstochtelijk uitgesproken ‘fuck’ besluit Joval zijn les, tilt vervolgens Hussein, alsof het een zak veertjes betrof, boven zijn hoofd zet hem neer en verlaat boos de kleedkamer.
Volgens Ilona Lente is het terecht dat Hussein op zijn lazer kreeg. ‘Vier avonden per week ben ik met hem bezig en wijs hem telkens op zijn fout en nog heeft hij zijn doel niet bereikt. Hij moet direct stoten plaatsen, hoeken geven uit het niets. Het is niet alleen stoten maar ook nadenken. Hoe vaak ik dat niet tegen hem gezegd hebt,’verzucht ze moedeloos. Maar voor Haji Hussein is de hoop op een goede bokstoekomst nog niet in rook opgegaan. ‘Hij kan ver komen want barst van het talent’ zegt ze. Dat Inona Lente, een Amsterdamse van 28 jaar, de enige vrouwelijke trainster in dit land is, is niet zo vreemd. Door haar vader, jarenlang voorzitter van de boksbond, is ze is met boksen groot geworden. ‘ Acht jaar train ik boksers. En natuurlijk wordt ik door mijn pupillen geaccepteerd. Ze hebben respect voor mij’, zegt ze met een blik die geen tegenspraak duldt.
Het is, zoals hij zegt, de game waarvan hij houd. Daar ligt zijn hart want boksen en alles wat daar mee te maken heeft, is voor Joval een manier van leven. ,,Na mijn carrière kijk ik uit naar het coachschap. Ik heb veel kennis’’, vertelt hij het laatste ten overvloede. Dat Raymond Joval, een aimabel en sociaal mens, zich in het Zonnehuis bevindt en niet in een trainingskamp in New York om zich voor te bereiden op een gevecht daar is één of ander jochie uit Oost debet aan. ‘Ik train een clubje kansarme jongere uit Zeeburg en tijdens een partijtje sparren met zo’n kid blesseerde ik mij aan een vinger,’ vertelt hij grijnzend. ‘Ik heb daardoor een partij in Amerika moeten afzeggen’.
Pak slaag
De avond gaat verder. Er staan nog tien gevechten op het programma. In het Zonnehuis klinken van die typische boksgeluiden. De gong klingelend voor een nieuwe ronde. Achter de coulissen komt het geluid van doffe slagen. Pugilisten zijn bezig met de warming-up. Bloedvaten worden open gezet. Knokkels worden getest.
Het boksen blijkt niet alleen een mannen aangelegenheid te zijn. Naomi Oblenski, een jonge, struise Surinaamse, gehuld in het roze, slaat ritmisch tegen de handschoenen van Joval. Ze kijkt vervaarlijk uit haar ogen. Haar tegenstandster is Femke Gryglicki: die nog in de gelukkige omstandigheid is dat ze niet weet dat ze een kwartier later een ongenadig pak op haar lazerij krijgt.
Geplaatst: Mug maart 2008. Foto: Hilco Koke